Panasonic BL-C160 Manual (nl)

Download
5.1.1 Netwerkinstellingen (IPv4)
90
Gebruikershandleiding
c.
Voer het IP-adres in dat u aan de camera wilt laten toewijzen.
Gebruik een IP-adres dat behoort tot hetzelfde bereik als de adressen van de andere 
netwerkapparaten (router, pc's enz.) op het lokale netwerk. Voorbeeld: als het adres van uw 
router 192.168.0.1 is, kunt u een IP-adres toewijzen tussen 192.168.0.2 en 192.168.0.254 zolang 
het toegewezen IP-adres niet wordt gebruikt door een ander netwerkapparaat.
d.
Geef het juiste subnetmasker op.
Controleer het subnetmasker dat is toegewezen aan uw router of pc. U kunt hier dezelfde waarde 
invoeren.
e.
Voer onder [Default Gateway] het IP-adres in van de router of het IP-adres van de standaardgateway 
voorzien door uw internetprovider of netwerkbeheerder.
f.
Voer onder [DNS] de IP-adressen in van de primaire en secundaire DNS-servers voorzien door uw 
internetprovider of netwerkbeheerder.
g.
Selecteer bij [Max. Bandwidth Usage] de maximale bandbreedte die u de camera wilt laten 
gebruiken.
Deze instelling werkt zowel bij IPv4- als IPv6-verbindingen.
Raadpleeg de volgende informatie over bestandsgroottes als u de maximale bandbreedte 
beperkt. Merk op dat dit geschatte bestandsgroottes zijn; de werkelijke bestandsgrootte kan 
variëren afhankelijk van de beeldkwaliteit, de helderheid, enz.
192
× 144: 7 KB (56 Kbit)
320
× 240: 16 KB (128 Kbit)
640
× 480: 35 KB (280 Kbit)
h.
Selecteer bij [Connection Type] het juiste type verbinding.
Normaal kunt u die instelling op [Auto Negotiation] laten staan.
Deze instelling werkt zowel bij IPv4- als IPv6-verbindingen.
2.
Klik op [Save].
3.
Klik op [Restart] als de melding [New settings are saved.] wordt weergegeven.
Alle gebufferde beelden in het interne geheugen worden verwijderd als de camera wordt herstart.
Opmerking
Om de camera opnieuw op te roepen, gebruikt u het IP-adres dat u aan de camera hebt toegewezen 
in deze procedure.
U kunt de huidige netwerkinstellingen controleren op de pagina [Status] (zie pagina 133).